Afbeelding

Rouw en de stagnatie van rouw

Column Gijs van der Zalm

Wie bij rouw alleen maar denkt aan dood en aan niet meer dan dat, komt vaak bedrogen uit. Want rouw speelt bij veel meer in onze levens dan we denken. Je zou kunnen stellen dat er altijd wel sprake is van een zekere rouw, als er iets wordt verloren. En hiervan is in onze levens heel vaak sprake. Heftige rouw als gevolg van groot verlies spreekt voor zich, ook al staan we daar niet altijd zomaar voor open. En dat komt omdat alle gevoelens, die samenhangen met het rouwen, pijnlijk en lastig zijn en ons niet echt uitnodigen om daar tijd voor te maken. Sterker nog: ons lichaam is vanuit de evolutie er juist zo op gebouwd dat het ongemakkelijke gevoelens en vooral die gevoelens, die met pijn gepaard gaan, probeert te mijden. Het lichaam zoekt geen pijn. Maar er komen nu eenmaal wel allerlei verliezen en dus rouw langs in onze levens. En minder heftige rouw, bij kleinere verliezen, gedraagt zich nog subtieler, sluipt door ons lijf, en laat zich ook niet zo makkelijk onderkennen. Dit wil echter niet zeggen dat deze emotie er niet is. Maar in plaats van deze te gaan beseffen, laten wij haar vaak schuil gaan achter allerlei gedrag en afleiding, bedoeld om die ongemakkelijk gevoelens niet te hoeven voelen.

‘Ik heb er de pest in dat…’ of ‘ik voel me de laatste dagen wel somber…’ of ‘ik ben van het minste of geringste van slag of snel ergens door geïrriteerd…’ zijn gedachten of uitlatingen die niet zelden samenhangen met een eerder opgelopen verlies. Dat weten we niet op voorhand, maar het kan daarom geen kwaad om onszelf dan de vraag te stellen hoe dat dan komt of waar dat mee zou kunnen samenhangen. In de psychologie bestaat er een term, tamelijk voor de hand liggend, die dit soort gedrag mooi weergeeft: ‘verschuiven’. Er komt in ons leven een vervelend en pijnlijk verlies langs, waardoor er een ongemakkelijk gevoel ontstaat, en we gaan dat ongemak daaromheen dan ‘wegdrinken’, ’weg eten’, foeteren op de kinderen of op een partner, naar de huisarts voor kalmerende medicatie, of nog iets anders. Dit soort gedragingen spelen trouwens niet alleen bij weggedrukte rouw, want ook kwaad makende krenkingen werken dit soort afweerreacties in de hand. Maar komen we erachter, met wat nadenken, dat ons een pijnlijk verlies ten deel is gevallen, dan zal bij het door breken van dit besef ook verdriet voelbaar worden. Om daar dan ‘gastheer of gastvrouw’ voor te zijn, dat dan maar laten komen en zijn loop te geven, is het beste wat we dan kunnen doen. Wie kent bijvoorbeeld niet het verscheurende gevoel van ‘liefdesverdriet’, om een groot verlies. Of een relatiebreuk (heel heftig), of in een vroeger stadium ‘een blauwtje lopen’ (ook heel heftig, maar toch heel anders), of ontslag krijgen, het zijn allemaal voorbeelden van het lijden van een min of meer groot verlies, dat ons normaal gesproken diep raakt, in rouw dompelt, en dat daarom allerlei daaraan gekoppelde heftige gevoelens met zich mee kan brengen. Lastig maar niet verkeerd, ongemakkelijk maar niet ongezond, en daarom ook beter om deze langs te laten komen dan weg te drukken. En komt er veel verdriet bij kijken, dan is een theedoek altijd beter dan een zakdoek.

Gijs van der Zalm ©

Uit de krant