
De 4 G’s en onze mentale gezondheid (vervolg)
Column Gijs van der ZalmDe 4 G’s uit de vorige column verdienen nog wel een voorbeeld: ‘ik ben aan het eind van mijn werkdag, tegen zessen (G 1 = gebeurtenis/situatie), ik kijk erop terug en denk (G 2 = gedachte) ‘ik had wel wat harder kunnen werken, want dan had ik ... kunnen afronden; nu moet ik er morgen mee verder, heel vervelend’. Deze gedachte zal bij de meeste mensen een G 3 (gevoel) van ontevredenheid teweegbrengen, bij een lichte afkeuring over de geleverde prestatie (‘ík had minder bij de koffieautomaat moeten hangen’) en zodoende een minder opgeruimd gevoel voor de avond die gaat komen. Een dergelijk (meer negatief, afkeurend) gemoed maakt de kans ook groter (G 4: gedrag) dat ik een biertje ga halen in het café, terwijl ik net in het weekend had besloten om de komende week op werkdagen geen alcohol meer te drinken. En zo kom ik, bij wat onschuldig lijkt (‘moet kunnen’), in een situatie die mij weinig gezonde bevestiging brengt over mezelf. Voor een keertje is dit niet zo erg, maar als dit meer een neiging van mij is (‘het veroordelen van mijn doen en laten’), dan gaat dat invloed krijgen op mijn zelfbeeld (‘ik ben iemand die …’) en daarmee ook op mijn gezondheid.
Dit vergroot weer de kans dat ik op meer fronten in mijn leven negatief over mezelf ga denken (als ik dat al niet doe). En zo gaat, wat al in mijn kindertijd een begin kan hebben gekregen, de neiging ingroeien om over mezelf negatief te denken, met alle gevolgen van dien. En in een samenleving waarin (juist vergelijkenderwijs ‘beter, groter, mooier, slimmer, sneller’, etc.), dus prestaties en ‘scoren’ het hoogste goed lijken te zijn (geworden), gaan heel wat jongeren (en trouwens ook ouderen, maar anders) daaronder toenemend gebukt. En dit verklaart ook weer deels waarom depressiviteit steeds vaker voorkomt bij jongeren. Als het je niet lukt om aan van buitenaf gestelde normen te voldoen, en mee te gaan in de ratrace, dan ben je een ... (vul maar in)! Over de rol van influencers hierbij misschien een volgende keer.
Is dit het hele verhaal achter en de enige aanpak van onze negatieve stemmingen en neiging tot zelfveroordelingen? Nee, zeker niet. Er is erfelijkheid (‘nature’), opvoeding en gezin van herkomst en van alles nog daar omheen (‘nurture’), eigen mogelijkheden en beperkingen, ervaringen, en nog veel meer. Maar de manier waarop wij situaties rondom onszelf met ons denken beoordelen en deze dan van een etiket (vaak een enkel negatief woord of een enkele negatieve zin) voorzien, heeft wel grote invloed op ons doen en laten. En juist daarom is de stroming ‘cognitieve gedragstherapie’ (CGT), waartoe ook de Rationeel Emotieve Therapie (RET) behoort, zo populair. Maar reken u niet rijk, want het idee dat langs een korte, krachtige en dus ook voordelige (CGT)weg onze huishouding, na jaren scheefgroei, zomaar even kan worden rechtgezet is een illusie. Er is ook geen snelle en voordelige oplossing om een naar de wind kromgegroeide boom even recht te zetten. Bovendien, een boom die naar de wind is gaan staan, is niet per se een foute of lelijke boom. En dat geldt ook voor mensen. Maar helemaal scheef staan, met allerlei gevolgen van dien, zal die boom ook niet prettig vinden. En een mens evenmin (wordt vervolgd).