
Rouw (1)
Column Gijs van der ZalmVeel mensen zullen in de loop van hun leven een meer of minder groot verlies hebben zien langskomen: van dierbaren door de dood, van een gezond lichaam door invalidering, van inkomen door verlies van werk, van partnership door een scheiding, van omgeving door verhuizing, van zicht door een falend oog. Kortom, er zijn allerlei vormen van verlies, die mensen rauw op hun dak kunnen vallen.
In al deze trouwens heel verschillende gevallen kun je toch spreken van rouw: een gemoedstoestand als combinatie van verdriet, woede, onmacht, en meer. Afhankelijk van de cultuur waarin men leeft wordt aan deze gemoedstoestand ook heel verschillend uiting gegeven (denk bijvoorbeeld aan kleding) en bestaan er ook zeer uiteenlopende rituelen, iets wat men zelfs dagelijks op de televisie kan zien.
In onze eigen cultuur is er wat betreft rouw een zekere vervlakking waar te nemen, wat deels voortkomt uit de ‘haast en snelheid’ waarmee in onze wereld het zogenaamde normale leven weer voorrang moet krijgen. Maar wat is hier dan ‘normaal’? Een verlies is een verlies en daar zitten bepaalde gevoelens aan vast, onvermijdelijk. Dat is dus ‘normaal’ en het zou goed en ook heel gezond zijn als we daar meer ruimte voor zou
den willen maken. Rouw hoort er onvermijdelijk bij en het is ook beter voor ons en vooral ook voor onze emotionele toekomst als we aan die rouw, bij welk verlies dan ook, een plaats kunnen geven.
Als rouw dan ook echt een ‘klus’ is, een ‘karwei’ dat plaats moet krijgen, zou je kunnen spreken van ‘rouwarbeid’. Dit lijkt wat plat gezegd, alsof je naar je werk gaat, maar feitelijk is dit wel zo: ‘the job must be done’, er zit niets anders op. Hier ligt een belangrijk punt m.b.t. verwerking: de stapsgewijze (!) aanvaarding van de nieuwe realiteit. Want als deze in de eerste maan den tot een jaar na een verlies geen plaats krijgt, kan ons allerlei ongemak wachten in de vorm van lichamelijke en/of psychische klachten. Deze worden ook wel symptomen van ‘gestagneerde’ of ‘uitgestelde rouw’ genoemd, rouw die ‘vastzit’ en die ertoe kan leiden dat het leven van de nabestaande ook een beetje tot stilstand komt.
Natuurlijk is er een verschil tussen het verliezen van een dierbare door de dood en het moeten laten amputeren van een been (bijvoorbeeld na een ongeluk). Maar in beide voorbeelden zullen de betrokkenen verder moeten met hun eigen leven, zonder die ander of zonder dat been. En dat brengt bij hen een (rouw)proces op gang dat een aantal stappen kent. Haast is hierbij je slechtste compagnon, want een rouwpro ces is geen ‘haastklus’ en ook geen stoornis en kan ook niet voorspelbaar (6 tot 12 maanden) in de tijd worden geplaatst. Rouw kost altijd meer of minder tijd, afhankelijk van het geleden ver lies. Dezer dagen kan men met regelmaat, zelfs in de krant, foto’s zien van soldaten, die in de Russisch-Oekraïense oorlog een been of arm zijn kwijt geraakt. Het idee dat zij na hooguit een jaar weer ‘normaal’ verder zouden kunnen met hun leven……..
Meer in een volgende column.